
De Deense schrijver Martinus (11 augustus 1890 - 8 maart 1981) werd geboren
in het plaatsje Sindal, op Noord-Jutland,
in Denemarken. Zijn moeder was ongehuwd. Als jongeman werkte hij in een
melkfabriek. Tot ongeveer zijn dertigste was hij bij het publiek totaal
onbekend.

In maart 1921 had Martinus een reeks geestelijke ervaringen die een diepgaande
bewustzijnsverandering teweegbrachten. Deze bewustzijnsverandering wordt
door hem zelf in het voorwoord van Livets Bog als volgt beschreven:
'Ik voelde dus dat het gehele heelal met een oneindige liefde en wijsheid
werd doorstroomd. Waarheen ik in de duisternis ook maar keek, overal
werd het licht. Ik was mijn eigen lichtbron geworden. De kosmische vuurdoop
die ik had ondergaan en waarvan ik hier geen nadere analyse kan geven,
had dus tot gevolg gehad dat geheel nieuwe zintuiglijke uermogens in
mij in werking traden, uermogens die mij in staat stelden - niet in
de uorm van flitsen, maar in een permanente toestand
van wakend dagbewustzijn - al die dragende geestelijke krachten, onzichtbare
oorzaken, eeuwige wereldwetten, basisenergieën en grondbeginselen
te zien die achter de fysieke wereld liggen. Het mysterie van het bestaan
was voor mij dus geen mysterie meer. Ik was bewust geworden in het leven
van het heelal en ingewijd in het 'goddelijke scheppingsprincipe'.'
Genoemde vermogens stelden hem in staat tot het schijven van het Derde
Testament, waarvan Livets Bog (het Levensboek) het 7-delige hoofdwerk
is. Als suppiement op Livets Bog schreef hij Het Eeuwige Wereldbeeld
I-IV, waarin hij met behulp van prachtige gekleurde symbooltekeningen
en verklarende teksten de hoofdprincipes van zijn Kosmologie aanschouwelijk

maakt. Het boek Logica kan als een soort inleiding op zijn hoofdwerk
worden gezien. In circa dertigkleinere boeken heeft Martinus bovendien verschillende
onderwerpen binnen zijn Kosmologie beschreven.
In het Derde Testament stelt Martinus zich tot taak de kosmische
wetenschap voor de menselijke intelligentie begrijpbaar te maken, zodat
de mensen haar theoretisch als wetenschappelijke feiten kunnen beleven.
Deze wetenschappelijke visie op de kosmos of het wereldbeeld beschreef hij
uiterst gedetailleerd in Livets Bog.
In zijn Kosmologie staat de gedachte centraal dat het heelal een levend
wezen is, een organische eenheid, bestaande uit alle levende wezens.
Al deze wezens vormen samen dat unieke, allesomvattende levende wezen dat
we door alle tijden heen in alle religies hebben leren kennen als GOD,
in wie alle wezens aldus leven, bewegen en zijn.

Voor Martinus is de onsterfelijkheid van de levende wezens een voldongen
feit en de reïncarnatiegedachte - in de Oosterse wereld zo bekend is
voor hem vanzelfsprekend. Goed (licht) en Kwaad (duister) zijn volgens zijn
overtuiging slechts twee verschillende kanten van één en hetzelfde
iets, en hij noemt ze daarom respectievelijk het 'aangename goede' en 'onaangename
goede'. Martinus toont in zijn hoofdwerk duidelijk aan dat elke waarneming
op het 'contrastprincipe' berust, en dat dit de verborgen stimulans achter
de gevoelens van 'honger' en 'verzadiging' is; deze 'honger' en verzadiging'
vormen op hun beurt de grondslag van het bestaan zelf.
Martinus geeft in zijn wereldbeeld een tot nu toe ongekend heldere en duidelijke
analyse van de kosmische structuur van het levende wezen, van zijn boven-
en onderbewustzijn, van de fundamentele begeerte (de oerbegeerte) en van
de seksuele polariteit. Op grond van zijn kosmische bewustzijn definieert
hij de aarde mens als een 'overgangswezen' dat zich bevindt tussen het eigenlijke
dierenrijk en het door hem beschreven ' ware mensenrijk' dat nog niet van
deze wereld is.
Martinus beschrijft eveneens dat de aardse mens zich in een geleidelijk
toenemend seksueel veranderingsproces bevindt. Dit proces oefent op het
leven van ieder ontwikkeld aards mens een groeiende invloed uit en maakt
hem steeds minder geschikt voor de traditionele huwelijksbeleving.
Voor Martinus is het een onloochenbaar feit dat de wereld zich gaat ontwikkelen
tot een wereldstaat die alle bestaande naties zal omvatten en een wereldregering
zal vormen; deze staat zal als enige een gewapende macht bezitten, een wereldpolitie,
die tot taak heeft de internationale vrede en orde te handhaven.
Parallel hieraan zal het huidige economische systeem plaatsmaken voor een
totaal nieuw systeem dat geleidelijk alle materiële onzekerheid, armoede,
uitbuiting en slavernij zal uitsluiten.
Martinus is ervan overtuigd dat het tijdperk van 'blind' godsdienstig geloof
aan het verdwijnen is en langzamerhand zal worden vervangen door een kosmische
instelling tegenover het leven. Door gestaag toenemende feitelijke kennis
zal het bestaan van God en van de volstrekte onsterfelijkheid van het levende
wezen als een onomstotelijke waarheid worden erkend.
Hij voorziet een verbreding van het morele verantwoordelijkheidsgevoel van
alle mensen, en wel in die mate dat elke vorm van oorlog, geweld, terreur,
haat, dwang, wraak, enz., door iedereen zal worden beschouwd als een overblijfsel
van dierlijke eigenschappen. Alle onderwijs en opvoeding zal erop gericht
zijn juist deze eigenschappen te doen verdwijnen.
Met onwrikbare logica bewijst Martinus dat alleen een allesomvattende verdraagzaamheid
- steunend op een duidelijk besef van een goddelijke wereldplan dat achter
alle uiterlijke vormen aanwezig is - aan de moderne, intellectuele mens,
met zijn sterk individualistische instelling, het permanente geestelijke
evenwicht zal kunnen geven waarnaar hij zo vurig verlangt.
Volgens Martinus staan de wetten van het bestaan ervoor garant dat in alle
situaties en voorvallen van het leven sprake is van een absolute rechtvaardigheid.
Doordat elk wezen uitsluitend de werkingen of gevolgen van zijn eigen daden
kan beleven, kan niemand dus onverdiend lijden. Onze zogen~mde vijanden
zijn dus niet de diepste oorzaak van ons lijden; zij zijn slechts de werktuigen
die de gevolgen van onze eigen vroegere - en ook in vorige levens teweeggebrachte-
handelingen naar ons teruggeleiden. De wortel van het 'kwaad' zit in ons
eigen innerlijk. Hij zegt dan ook dat de mens zijn eigen ergste, maar onbekende
vijand nr.1 is.
Met zijn duideliike boodschap: 'Waar de onwetendheid verdwijnt, houdt het
zogenaamde kwaad op te bestaan', is hij voor tallozen in vele delen van
de wereld een geestelijke gids geworden.
Met zijn werk inspireert Martinus een ieder, die in zijn denkwijze en ideeën
geïnteresseerd is, tot het in acht nemen van de grootst mogelijke verdraagzaam}leid
en waarachtige naastenliefde. De Kosmologie van Martinus is evenwel geen
religie waarvan men lid kan worden, aangezien zij het gehele bestaan
beschrijft, en allen dus bij voorbaat al leden van deze to'caliteit, deze
eenheid, zijn. Daarom geeft Martinus in de inleiding van Liuets Bog duidelijk
te kennen dat zijn Kosmologie niet mag leiden tot de vorn~lg van een sekte
of vereniging.
De mens Martinus gebruikte vlees noch tabak of alcohol, en hij maakte er
geen geheim van dat volgens zijn overtuiging de mensheid op weg is naar
een tijdperk waarin en voeding en genotmiddelen geheel van karakter zullen
veranderen.
Reeds in een vroeg stadium van zijn werkzaamheden begonnen geïnteresseerden
zich rond Martinus te verzamelen. In het kader van zijn rnissie gaf Martinus
lezingen en/of cursussen in o.a. Denemarken, IJsland, Japan en Zweden, in
het kielzog waarvan interessegroepen en Martinus Centra ontstonden in o.a.
Denemarken, Duitsland, Engeland, IJsland, Nederland en Zweden. Tevens werden
vertalingen gernaakt in het Engels, Esperanto, Duits, Frans, Hollands, Hongaars,
Japans enz.
In 1932 werd het administratieve centrum gesticht, nu bekend als het Martinus
Instituut, om de toegankelijkheid tot de literatuur van Martinus in de originele
taal Deens en de andere talen te waarborgen. Het is een niet-commerciële
organisatie, een stichting, tevens verantwoordelijk voor de scholing in
het Martinus Centrum.
In het Martinus Instituut zijn de vroegere woon- en werkruimten van Martinus
in originele staat bewaard en dienen nu als museum.
Het Martinus Centrum is een studiecentrum voor de Kosmologie van Martinus
waar cursussen en lezingen worden gegeven. Het werd gesticht in 1934 te
Klint, en is gelegen aan de noordwestkust van het eiland Zeeland (Sjælland)
bij Nykøbing, ca 100 km van Kopenhagen.
Informaties over het werk van Martinus in Denemarken en andere landen te
bevragen bij:
Martinus Institut
Mariendalsvej 94-96
DK-2000 Frederiksberg
Denemarken
Tel.nr.:+ 45-38346280 of
www.martinus.dk
Het Martinus Centrum in Nederland is gevestigd in Den Haag en werd opgericht:
18 december 1986.
Het Martinus Centrum is een onafhankelijke, algemeen nuttige stichting.
De stichting heet`t de navolgende algemeen nuttige doeleinden:
- Het zo authentiek mogelijk vertalen van Martinus' totale werk vanuit het
Deens in het Nederlands en het bewaren en beheren van al deze vertalingen,
onder supervisie van de in Denemarken gevestigde Stichting Martinus Geesteswetenschappelijk
Instituut.
- Het voorlichten over het werk en de vertalingen van Martinus.
- Het toegankelijk maken van dit werk voor geïnteresseerden door middel
van publikaties, lezingen en onderwijs in aanvaardbare vorm en het mogelijk
maken van het uitgeven van vertaalde werken.
Vragen betreffende de Kosmologie van Martinus in Nederland te
richten aan:
Stichting Martinus Centrum Den Haag
Groot Hertoginnelaan 67
2517 ED Den Haag
Aangepast voor WWW van een brochure uitgegeven bij het Martinus Centrum
Den Haag door Torben Kehlet